Aegon: Het mobiliteitsijzer smeden, nu het heet is

Aegon kijkt met voldoening terug op eigen Low Car Diet.

We zijn vaak bereid gedrag te veranderen als we nieuw gedrag eerst langere tijd in de praktijk kunnen ervaren. Dat bleek recent weer in Den Haag en Leeuwarden. Na het organiseren van een eigen Low Car Diet constateert Aegon dat veel medewerkers om zijn en hun mobiliteit duurzamer willen maken. De wedstrijd vormde de aanloop naar nieuw mobiliteitsbeleid. Zeven vragen aan Marjolein Breed en Theo Joosse.

Low Car Diet is een landelijke wedstrijd waarbij grotere bedrijven een maand lang tegen elkaar strijden om hun uitstoot van CO2 terug te dringen, onder meer door gezonder te reizen en te kiezen voor duurzamer vervoer. Met alles wat de deelnemers doen - van fysieke activiteiten tot het terugdringen van CO2-uitstoot en het verminderen van kosten - krijgen zij punten. Op die manier komt aan het einde van de wedstrijd een winnaar uit de bus. "Je kunt als bedrijf ook aangeven zo'n wedstrijd zelf te willen organiseren. Dat kan als je meer vestigingen hebt en/of het aantal medewerkers groot genoeg is om zo'n event te kunnen uitrollen", zegt Marjolein Breed, programmamanager maatschappelijk verantwoord ondernemen bij Aegon.

Hoeveel vestigingen namen deel?
"Bij Aegon werken drieduizend mensen, verdeeld over vier locaties. Voor Groningen en Hoofddorp bleek deze wedstrijd niet zo relevant te zijn. Rond het kantoor in Groningen wordt een nieuwe ringweg aangelegd. Daardoor is het lastig om er met de auto te komen. Om die reden reist vrijwel iedereen er al met de fiets en/of het OV. Hoofddorp staat aan de vooravond van een verhuizing. Daar had het dus geen zin om personeel te stimuleren om naar de huidige locatie met een ander vervoermiddel te komen dan met de auto. Bovendien komen er al veel mensen met de trein of de bus. Het werd dus een wedstrijd onder onze twee grootste vestigingen: Leeuwarden en Den Haag."

Wat was de aanleiding voor deze wedstrijd?
"Al geruime tijd vind ik dat we het als Aegon beter kunnen en moeten doen. In Den Haag zitten we pal naast een NS-station. Toch komen dagelijks honderden collega's met de auto naar kantoor, puur uit gewoonte. Het feit dat hier volop gratis parkeergelegenheid is, ook in de buurt, jaagt hen ook niet de auto uit. En eigenlijk geldt dat ook voor Leeuwarden. Maar… zestig procent van al onze CO2-uitstoot komt door mobiliteit! Het is onze verantwoordelijkheid om daar iets aan te doen", zegt Breed. "Daarnaast wordt het hoog tijd om ons huidige mobiliteitsbeleid aan te pakken", vult collega Theo Joosse aan. Op de afdeling HRM houdt hij zich onder meer bezig met allerlei regelingen rond dit beleid. "De regelingen zijn verouderd en bieden geen ruimte voor flexibiliteit. Of je kiest voor een persoonlijke vergoeding of voor een ov-abonnement. Verder is er geen keuze, maar eigenlijk zou je per dag je vorm van mobiliteit moeten kunnen kiezen. Met deze wedstrijd konden we medewerkers bewuster maken van hun keuzes en hen stimuleren voor een groenere manier van reizen te kiezen. Bovendien konden we met een eigen wedstrijd ook zelf de wedstrijdperiode bepalen." De derde aanleiding voor de eigen Low Card Diet was de Friese uitdaging. "In het voorjaar deed Leeuwarden mee met de Elfwegentocht, waarbij Friezen het aandurfden om twee weken lang geen druppel benzine te gebruiken. Sommige medewerkers gingen zelfs zwemmend naar kantoor. 'Wij als Friezen kunnen dat nu eenmaal'. Dat was een mooie, extra reden om de handschoen op te pakken", zegt Breed.

Hoe pakte Aegon de eigen Low Car Diet aan?
"We maakten er dus een eigen wedstrijd van en gebruikten daarbij de systematiek van Low Card Diet, van apps en agenda's tot het uitgekiende puntensysteem. De speciale pagina lowcardiet.nl/aegon, met een aparte Engelstalige variant, vertelde belangstellenden wat de wedstrijd inhield en wat het probeeraanbod was." Volgens Breed pakte Aegon het groots aan en regelde ze acht elektrische auto's en 25 e-bikes, verdeeld over de twee vestigingen. Daarnaast konden de deelnemers ook een NS Business Card uitproberen. "Medewerkers konden zich op de website aanmelden en meteen aangeven wat zij wilden uitproberen. Als dat alles was, ook prima." Vanaf 3 september kreeg iedere collega een flyer op zijn of haar bureau en één dag kwam een 'promotieteam' van Low Car Diet langs om deelname nog verder aan te moedigen. Ook via intranet en narrow casting werd de actie aangekondigd en warm gehouden. Twee weken later ging de wedstrijd werkelijk van start. "Uiteindelijk kwam de teller op vijfhonderd deelnemers, dus één op de zes medewerkers. Dat hadden er wat mij betreft wel meer mogen zijn", zegt Joose, "maar Low Car Diet had zo'n enorme deelname nog nooit eerder meegemaakt."

Wat kon je zoal winnen?
"Als vestiging eeuwige roem, die ging uiteindelijk naar Leeuwarden. Daarnaast streden ook afdelingen en individuen tegen elkaar. De beste afdeling per vestiging kreeg een rondvaart met een elektrische rondvaartboot aangeboden. Voor de beste individuele 'strijder' stond per locatie een e-bike gereed.

Daarnaast waren er ook dagwinnaars. Die konden een elektrische auto mee naar huis nemen om er een weekend mee te gaan rondrijden", aldus Breed. "Het leuke was dat je op een eigen inlogscherm je persoonlijke stand kon bijhouden, maar die ook van collega's kon zien. Ook dat was een enorme aanjager. In Den Haag besloot een medewerker een maand lang elke dag met de fiets naar het werk te komen, van Utrecht naar Den Haag, en weer terug. Qua punten was die op den duur niet meer in te halen. In Leeuwarden besloten vier collega's een elektrische auto te delen om naar een brainstorm op de hei te gaan. Dat leverde zowel punten op voor elektrisch rijden als voor carpoolen. Ook kregen we een mail van iemand die al twintig jaar met de auto naar kantoor komt. Nu hij een maand lang per trein kon reizen, zonder daarvoor iets van z'n mobiliteitsbudget te moeten inleveren, was hij om. Hij schreef: 'Wat kan ik doen om voortaan altijd met het ov te komen?'. Daaruit blijkt dat je eerst goed moet proeven, voordat je om gaat. We zijn dus best bereid gedrag te veranderen als we nieuw gedrag in de praktijk kunnen ervaren. En dat niet slechts één of twee dagen, maar minstens een maand." Overigens lieten tijdens de wedstrijd ook directieleden zien, onder meer via een vlog, dat zij de fiets pakten.

Hoe nu verder?
"De wedstrijd heeft veel impact gehad; het is niemand ontgaan. Nu het enthousiasme nog warm is, willen we snel verduurzaming in de mobiliteitsregelingen doorvoeren", zegt Joose. "Binnen een maand komen we met nieuwe voorstellen. Zo verhogen we de vergoeding voor het aanschaffen van een e-bike. Met het huidige bedrag kun je nog wel een fiets kopen, maar absoluut geen e-bike. Op die manier verlagen we de drempel. Zoiets gaan we ook met elektrische auto's doen. Bovendien bekijken we of we het leaseaanbod met meer merken kunnen verbreden. Ook onderzoeken we de mogelijkheid om op dagniveau flexibel te kiezen voor de juiste mobiliteit. De ene dag wellicht de auto, de andere keer de trein."

Is de volgorde logisch: eerst wedstrijd dan nieuw beleid?
"Veel bedrijven maken eerst voorstellen voor nieuwe regelingen rond mobiliteit en gaan vervolgens daarover communiceren. Dat leidt vaak tot oeverloze discussies. Duurt zo'n proces te lang, dan loop je de kans dat het geheel een stille dood sterft. We hebben het bewust andersom gedaan: eerst iedereen van andere mobiliteit laten proeven en daarmee het enthousiasme aanwakkeren, daarna met nieuwe voorstellen komen die bovendien ook nog aansluiten op de wensen van de medewerkers. Een enquête achteraf leverde ook nog eens extra informatie op over wensen en behoeften. Nu men bereid is over te stappen op ander gedrag, moet je direct het ijzer smeden als het heet is. We slaan dus eigenlijk een hele grote stap, de oeverloze discussie, over. Daardoor kunnen we sneller tot actie komen."

Willen jullie nog een laatste ervaring delen?
Al met al is de actie Aegon bijzonder goed bevallen, ook het feit dat eerst de wedstrijd plaatsvond, dat ze direct daarna conclusies kon trekken en vervolgens met nieuw mobiliteitsbeleid daarop kan inspelen. "Een actie met fun en een wedstrijdelement helpt mensen bewust te worden van hun gedrag. En ook dat het anders kan", concluderen Breed en Joosse. "Maar zorg er wel voor dat je voldoende probeeraanbod hebt. Het werkt niet echt als je als groot bedrijf slechts één elektrische auto en een paar e-bikes regelt. Hier in Den Haag stonden vijf identieke elektrische auto's voor de deur. Hoe cool is zo'n aanbod? Je zag iedereen kijken: 'Wow, wat gebeurt hier?' Je moet ook iedereen de kans geven werkelijk iets te kunnen uitproberen. En niet slechts één dag."